In het kieskanton Boom deelde OpenVLD afgelopen zondag, met een verlies van 3,8 %, overduidelijk mee in de klappen. Al zijn er in dit kanton, dat de gemeenten Boom, Niel, Rumst, Hemiksem en Schelle omvat, enkele opmerkelijke lichtpunten.
Zo werd Tinneke Grietens uit de afdeling Boom dè liberale verrassing. Uit het niets, vanop een onzichtbare 16de plaats, behaalde deze 36-jarige licenciaat vertaler 2.435 voorkeurstemmen. In de rijke liberale kantonale geschiedenis, binnen een daarenboven gekrompen kiezersgroep, een veelbelovend resultaat. Tinneke beweegt zich immers niet enkel in het kanton Boom, maar in alle 17 Antwerpse kantons constant tussen tussen plaats 5 en plaats 13 bij de 33 effectieven.
De achteruitgang van OpenVLD is te Boom overigens duidelijk minder nadrukkelijk dan in andere kantons. Slechts in 20 van de 103 kantons werd beter gescoord, waarvan 17 in Limburg en Oost-Vlaanderen. In de provincie Antwerpen haalden slechts twee kantons een betere uitkomst: het Kapellen van Dirk Van Mechelen (-2,9%) en het Mechelen van voormalig voorzitter Somers (-3,1%). Voor de naaste achtervolgers is het uitkijken naar de stad Antwerpen (-4,0%), Mol (-4,6%), Zandhoven (-4,8%) en Herentals (-5,2%).
Zonder uitgesproken boegbeeld tenslotte, sloegen Tinneke Grietens en Tom De Vries de handen in elkaar met de vier kandidaten van het Kanton Kontich: Thérèse Van den Abeelen-Deshayes, Dirk Sterckx, Nancy Verbrugghe en Annemie Kempenaers. Met hun zessen voerden ze onder de noemer 'de zes van 't Zuiden' een evenwichtige, eendrachtige campagne. Ze bewezen eens te meer dat samenwerken loont, ook in donkere tijden.
Het liberalisme in de Rupelstreek kan met andere woorden, ondanks de algemene resultaten van zondag, met opgeheven hoofd de toekomst in.